Ontdek de beste bezienswaardigheden in Figueres
Figueres is een van die steden die groter voelen dan ze zijn. Met 47.000 inwoners is het een overzichtelijke provinciestad in de Alt Empordà, de noordelijke punt van Catalonië waar het vasteland overgaat in de Pyreneeën en de Middellandse Zee. En toch trekt de stad jaarlijks meer dan anderhalf miljoen bezoekers, vrijwel allemaal voor dezelfde reden. Figueres is de geboorteplaats van Salvador Dalí, en het Teatre-Museu dat de kunstenaar hier zelf ontwierp is een pelgrimsoord voor iedereen die iets met surrealisme, excentriciteit of moderne kunst heeft.

Inleiding tot Figueres
Maar Figueres reduceren tot alleen Dalí doet de stad tekort. Op een heuvel aan de rand van het centrum staat het Castell de Sant Ferran, een achttiende-eeuws bastionfort dat tot de grootste van Europa behoort en waar je uren rond kunt dwalen in ondergrondse gangen en over imposante wallen. Het historische centrum heeft een charmante Rambla, een paar goed bewaarde middeleeuwse kerken en een levendige marktcultuur. En de omgeving, de Empordà, is een van de mooiste en lekkerste streken van Spanje, met wijnen, olijfgaarden, middeleeuwse dorpjes en de ruige kust van Cap de Creus op nauwelijks een halfuur afstand.
Figueres is een stad die goed werkt als dagtrip, maar nog beter als basis voor een paar dagen verkennen van de noordelijke Costa Brava. Het ligt ideaal: compact genoeg om te voet te verkennen, met een station dat je in iets meer dan een uur met de AVE naar Barcelona brengt en een ligging op nauwelijks een kwartier rijden van de Franse grens. Wie hier een weekend doorbrengt combineert het Dalí-museum met een wandeling over het fort, een middag in Cadaqués, een avond tapas in de Rambla en misschien nog een bezoek aan een van de wijnhuizen in het achterland.
Informatie over Figueres
- CostaCosta Brava
- Bevolking47.000
- Gemiddelde temperatuurWinter: 9°C
Lente: 16°C
Zomer: 26°C
Herfst: 17°C - Dichtstbijzijnde grote luchthavenLuchthaven Girona-Costa Brava (GRO)
- Locatie in SpanjeNoordoost-Spanje
Achtergrond en geschiedenis van Figueres
Figueres bestaat als plaats sinds de tiende eeuw, maar de stad kwam pas echt op de kaart in de veertiende eeuw toen koning Peter III van Aragón haar tot koninklijke stad verhief en daarmee onafhankelijk maakte van de lokale adel. Die status gaf Figueres economische slagkracht en trok handwerkslieden en handelaren aan. Gedurende de middeleeuwen groeide de stad uit tot het administratieve centrum van de Alt Empordà, een rol die ze tot op de dag van vandaag vervult.
De echte transformatie van Figueres kwam in de achttiende eeuw met de bouw van het Castell de Sant Ferran. De Spaanse kroon liet het fort tussen 1753 en 1766 optrekken als antwoord op de voortdurende dreiging van Franse invallen over de nabijgelegen Pyreneeën. Met zijn stervormige plattegrond, ruim tweeëndertig hectare oppervlakte en capaciteit voor zesduizend soldaten werd het fort een van de grootste van zijn soort in Europa. Het bracht een garnizoen en bijbehorende bedrijvigheid naar de stad en versterkte haar strategisch belang.
In de negentiende en vroege twintigste eeuw werd Figueres een bruisende provinciestad, met een eigen theater, een kweekplaats voor kunstenaars en een opvallende band met vooruitgang. De Figuerenc Narcís Monturiol ontwierp en bouwde hier in 1859 zijn Ictíneo, een van de eerste werkende onderzeeërs ter wereld. Een halve eeuw later werd in dezelfde stad Salvador Dalí geboren, de kunstenaar die Figueres voor altijd op de wereldkaart zou zetten. De Spaanse Burgeroorlog drukte zwaar op de stad: op 1 februari 1939 hielden de Spaanse Cortes hun laatste vergadering in het Castell de Sant Ferran, voordat de republikeinse regering over de grens naar Frankrijk vluchtte. Het gemeentetheater van Figueres werd in dezelfde dagen grotendeels verwoest door bombardementen, precies die ruïne die Dalí decennia later tot zijn eigen museum zou transformeren.
De top 10 bezienswaardigheden in Figueres
1. Teatre-Museu Dalí

Het Teatre-Museu Dalí is het hoogtepunt van elk bezoek aan Figueres en zonder overdrijving een van de meest bijzondere museums van Spanje. Salvador Dalí heeft het gebouw zelf ontworpen, op de ruïnes van het oude gemeentetheater waar hij als veertienjarige zijn eerste tentoonstelling hield. Toen het theater door bombardementen in de Burgeroorlog werd verwoest, liet Dalí het beetje bij beetje omtoveren tot zijn grootste kunstwerk, naar zijn eigen zeggen “het grootste surrealistische object ter wereld”. Het werd in 1974 opengesteld voor het publiek.
Je herkent het gebouw al van ver aan de opvallend rode gevel, bekroond door reusachtige witte eieren en versierd met honderden broodjes van gegoten beton. Binnenin volgt een route die niet lineair is maar een mentale rondgang door Dalí’s universum: van de binnenplaats met de regenende Cadillac en de tronende Esther tot de iconische Mae West-kamer waar een woonkamer zich als je op de juiste plek gaat staan transformeert in het gezicht van de actrice. Tussendoor passeer je beroemde schilderijen uit vrijwel elke periode van zijn carrière, inclusief werken die hij speciaal voor dit museum maakte.
Een aparte ruimte is gewijd aan de Dalí-Joies, de collectie gouden juwelen die Dalí voor Amerikaanse opdrachtgevers ontwierp en die pas vanaf 2001 toegankelijk werd voor het publiek. Het zijn kunstwerken op zichzelf, sommige bevatten minuscule mechanische onderdelen die kloppen als harten of knipperen als ogen. En onder de glazen koepel in het hart van het gebouw, precies waar ooit het podium van het theater stond, ligt Dalí begraven. De crypte is onderdeel van het bezoek.
Bezoekdetails: Het museum is het hele jaar geopend behalve op 1 januari en 25 december. Reken op anderhalf tot twee uur voor een bezoek. Tickets zijn tijdgebonden; reserveer vooraf online via de Fundació Gala-Salvador Dalí, zeker in de zomer. Combinatietickets met Casa Salvador Dalí in Portlligat en het Castell Gala Dalí in Púbol bieden voor liefhebbers de meest complete Dalí-ervaring.
2. Castell de Sant Ferran

Op een lage heuvel ten noordwesten van het centrum ligt het Castell de Sant Ferran, een van de meest onderschatte bezienswaardigheden van Catalonië. Het fort is letterlijk enorm: met zijn stervormige plattegrond en een oppervlakte van ruim tweeëndertig hectare is het een van de grootste fortificaties van Europa. Het werd tussen 1753 en 1766 gebouwd om de noordelijke grens van Spanje te verdedigen tegen Franse invallen en was ontworpen om tot zesduizend soldaten te huisvesten. In praktijk heeft het nooit een grote veldslag uitgevochten, de aanvallen bleven grotendeels uit, maar het bleef eeuwenlang een strategisch garnizoen.
Een bezoek aan het fort begint met een wandeling over de bovenste wallen, die een weids uitzicht bieden op Figueres, de Empordà en, bij helder weer, de Pyreneeën aan de horizon. Beneden kun je de enorme binnenplaats zien waar ooit regimenten werden geïnspecteerd en de oude pakhuizen die konden voorzien in jaren aan voorraden. Het meest indrukwekkende zijn echter de ondergrondse gangen: een netwerk van kilometerslange kazematten en waterkelders, waar ooit zevenhonderdduizend liter water werd opgeslagen om een belegering te doorstaan. De kazematten zijn alleen toegankelijk met een speciale rondleiding.
Het fort speelde een opvallende rol in de recente geschiedenis. Op 1 februari 1939, in de laatste dagen van de Spaanse Burgeroorlog, kwamen de Spaanse Cortes hier voor de allerlaatste keer bijeen voordat de republikeinse regering over de grens naar Frankrijk vluchtte. En in 1960 ontsnapte uit het Castell de Sant Ferran de Catalaanse nationalist Jordi Pujol, die hier gevangen zat voor zijn politieke activiteiten en later jarenlang premier van Catalonië zou worden. Die lagen van geschiedenis maken het bezoek bijzonder voor wie meer wil dan alleen de monumentale architectuur.
Bezoekdetails: Het fort is dagelijks geopend; rondleidingen door de ondergrondse delen zijn op vaste tijden en in verschillende talen. Reken op twee tot drie uur voor een uitgebreid bezoek. De wandeling naar het fort vanuit het centrum is ongeveer twintig minuten, meestal bergop, neem goede schoenen en in de zomer een hoed en water mee.
3. Museu del Joguet de Catalunya

Het Museu del Joguet de Catalunya is gevestigd in het voormalige Hotel Paris, een elegant negentiende-eeuws gebouw aan de Rambla, en is een van de leukste verrassingen van Figueres. Het museum verzamelt speelgoed uit heel Catalonië en daarbuiten, van de achttiende eeuw tot nu, en laat daarmee een stukje sociale geschiedenis zien dat je in grotere museums zelden tegenkomt. De collectie telt meer dan drieduizend voorwerpen: teddyberen, houten autootjes, tinnen soldaatjes, poppenhuizen, kaartspellen, marionettenteamen en de vroegste filmprojectoren.
Voor wie vooral vanwege Dalí naar Figueres is gekomen is er een bijzondere koppeling. Een aantal van de tentoongestelde stukken is afkomstig uit de privécollectie van Dalí zelf, inclusief speelgoed uit zijn kindertijd. De kunstenaar heeft meermalen gezegd dat spelen een belangrijke bron van zijn verbeelding was, en door de vitrines te bekijken krijg je een idee van de objecten die een jonge Dalí in Figueres om zich heen moet hebben gehad. Ook andere bekende Catalaanse artiesten, van Joan Miró tot Federico García Lorca, dragen voorwerpen bij aan de tentoonstelling.
Het museum is klein genoeg om in een uur door te lopen, maar groot genoeg om je onderweg kind te laten worden. Het zit dicht bij het Teatre-Museu Dalí en is een mooie aanvulling als je nog tijd hebt in de middag. Kinderen vinden het al helemaal leuk, de interactieve hoeken en het oude mechanische speelgoed zijn een succes bij alle leeftijden.
Bezoekdetails: Geopend van dinsdag tot en met zondag; op maandag gesloten buiten het hoogseizoen. Toegangsprijs is bescheiden en er zijn combinatietickets met het Dalí-museum. Reken op een uur voor een rustig bezoek.
4. Església de Sant Pere

De Església de Sant Pere is de parochiekerk van Figueres en staat op een steenworp afstand van het Teatre-Museu Dalí. Het is een gotisch bouwwerk waarvan de oorsprong teruggaat tot de veertiende eeuw, al zijn delen van de huidige structuur het resultaat van een grondige heropbouw na de verwoestingen van de Spaanse Burgeroorlog. Het gebouw is sober en streng, met een hoog gotisch schip, spitsboogvensters en een bescheiden klokkentoren.
Voor liefhebbers van Salvador Dalí heeft deze kerk een bijzondere betekenis. Hier werd Dalí in mei 1904 gedoopt, hier werd zijn huwelijk met Gala in 1958 ingezegend en hier vond in januari 1989 zijn uitvaart plaats, voordat hij in het Teatre-Museu werd bijgezet. Drie van de belangrijkste momenten uit zijn leven zijn dus letterlijk verbonden met deze ene kerk. Er hangt geen plaquette, geen groot bord, maar wie de verbinding kent kijkt met andere ogen naar de stille zijbeuken.
Naast het Dalí-verband is de kerk ook een mooie plek om even weg te duiken uit de drukte van de Rambla en het Dalí-museum. De akoestiek is verrassend goed en er worden regelmatig orgelconcerten en koormuziekvoorstellingen gegeven, met name rond de feestdagen. Het interieur is recent gerestaureerd en de kapellen langs het hoofdschip bevatten religieuze kunst van Catalaanse meesters uit verschillende eeuwen.
Bezoekdetails: De kerk is dagelijks geopend buiten de misuren. Toegang is gratis, al wordt een kleine donatie gewaardeerd. Een bezoek duurt een halfuur. Houd rekening met de rustmomenten midden op de dag.
5. Casa Natal Salvador Dalí

Op nummer 20 van de Carrer Monturiol staat het huis waar Salvador Dalí op 11 mei 1904 werd geboren. Het is een elegant negentiende-eeuws herenhuis met smeedijzeren balkons, dat nu een informatiecentrum herbergt dat aan Dalí’s vroege jaren is gewijd. Je kunt een beperkt aantal kamers op de eerste verdieping bezoeken, inclusief de kamer waar de kunstenaar volgens de familiegeschiedenis ter wereld kwam. De inrichting is een reconstructie op basis van foto’s en beschrijvingen uit de familiearchieven.
Het huis geeft een ander beeld van Dalí dan het Teatre-Museu verderop. Daar zie je de volwassen, excentrieke kunstenaar op het hoogtepunt van zijn zelfbewuste zelfbeeld; hier zie je de burgerlijke, keurige omgeving waaruit hij voortkwam. Dalí’s vader was notaris, de familie was welgesteld en goed opgeleid, en de wereld waarin de jonge Salvador opgroeide was er een van dinsdagavonden met muziek, fietstochten door de Empordà en zomerdagen aan zee in Cadaqués. Al die dingen zijn later in zijn werk teruggekeerd, en wie eerst hier is geweest voordat ze naar het museum gaan begrijpen die verwijzingen beter.
De kamers zelf zijn bescheiden en het bezoek is kort, maar er hangen unieke foto’s en familiedocumenten die een intieme blik bieden op de jonge jaren van de kunstenaar. Voor Dalí-liefhebbers is dit een bezoek dat je niet wil overslaan; voor wie alleen het spektakel van het Teatre-Museu wil, kan het worden overgeslagen zonder dat je iets mist.
Bezoekdetails: Het huis is een paar dagen per week geopend; controleer de actuele tijden vooraf via de toeristische dienst. Toegang is zeer goedkoop. Het bezoek duurt ongeveer 30 tot 45 minuten.
6. Rambla de Figueres
De Rambla is de hoofdslagader van het centrum van Figueres en een van de aangenaamste stadspromenades van de Costa Brava. Het is een brede, met platanen omzoomde boulevard die dwars door het hart van de stad loopt, geflankeerd door negentiende-eeuwse gebouwen, cafés, winkels en kleinere monumenten. Tijdens de lunch en aan het eind van de middag loopt de Rambla vol met locals die even hun ronde komen doen, boodschappen doen, een koffie drinken op een terras of op een bankje onder de bomen met een krant in de hand een uur verluieren.
Halverwege de Rambla staat het monument voor Narcís Monturiol, de Figuerenc uitvinder die in 1859 met de Ictíneo een van de eerste werkende onderzeeërs ontwierp en liet bouwen. Het beeld verbeeldt hem staand boven een kleine replica van zijn onderzeeboot en is een eerbetoon aan een stadgenoot die, net als Dalí bijna een eeuw later, Figueres voor even tot een centrum van vindingrijkheid maakte. Het is een plek waar maar weinig toeristen stoppen, en waar je een korte pauze kunt nemen om te bedenken hoe dit overzichtelijke provinciestadje twee zulke uiteenlopende genieën heeft voortgebracht.
De Rambla is ook het decor voor de belangrijkste evenementen in de stad: de jaarlijkse Fira del Vi de l’Empordà (wijnfeest), de kerstmarkt, de feesten rond de Sant Pere en een aantal concerten. De straatjes die erop uitkomen, de Carrer Jonquera, de Carrer Peralada, de Carrer La Portella, zijn een perfect begin voor wie de minder toeristische kant van Figueres wil ontdekken.
Bezoekdetails: De Rambla is altijd toegankelijk. De beste tijd om te genieten van de sfeer is rond zeven uur ’s avonds, wanneer de terrasjes vol lopen en de platanen lange schaduwen op de stenen werpen. Op zaterdagochtend wordt er in aangrenzende straten een grote markt gehouden.
7. Museu de l’Empordà
Het Museu de l’Empordà is het historische en kunstmuseum van de regio, gehuisvest in een goed gerestaureerd gebouw aan de Rambla. De collectie vertelt de geschiedenis van de Alt en Baix Empordà van de prehistorie tot de twintigste eeuw, met archeologische vondsten uit Griekse en Romeinse nederzettingen langs de nabijgelegen kust, middeleeuwse religieuze kunst, en een onverwacht sterke collectie moderne Catalaanse schilderkunst.
Voor veel bezoekers is de verzameling moderne kunst de verrassing van het bezoek. Naast werken van lokale meesters zoals Marià Llavanera en Joan Núñez Casellas bezit het museum schilderijen van bekende Catalaanse kunstenaars als Santiago Rusiñol, Ramon Casas en, heel toepasselijk, een aantal vroege werken van Salvador Dalí uit zijn periode voor het surrealisme. Die Dalí-werken, uit zijn adolescentie en vroege studiejaren, laten een andere kant van de kunstenaar zien: realistischer, klassieker en onmiskenbaar talentvol.
De archeologische afdeling is kleiner maar interessant voor wie de geschiedenis van de Empordà wil begrijpen. Stukken uit Empúries, de Griekse en Romeinse stad aan de kust bij L’Escala, zijn hier te zien, naast middeleeuwse kapitelen, religieuze beelden en liturgische voorwerpen uit verschillende kloosters in de regio. Het museum is klein en snel door te lopen, maar geeft een mooi context bij het bredere verhaal van de streek.
Bezoekdetails: Geopend van dinsdag tot en met zondag; maandag gesloten. Toegangsprijs is bescheiden. Een rustig bezoek duurt ongeveer een uur. Het museum combineert uitstekend met een bezoek aan het Teatre-Museu Dalí, dat op enkele minuten loopafstand ligt.
8. Torre Galatea
De Torre Galatea is strikt genomen onderdeel van het Teatre-Museu Dalí, maar ze verdient een aparte vermelding omdat ze zowel een bezienswaardigheid op zich is als de laatste woonplaats van Dalí. De toren, een rood geschilderde middeleeuwse wachttoren die aan het museum grenst, werd door Dalí gekocht en verbouwd nadat zijn vrouw Gala in 1982 was overleden. Hij wilde zijn laatste jaren dichtbij zijn museum doorbrengen, en leefde hier tot zijn eigen dood in 1989.
De buitenkant is een spektakel op zich: de rode muren zijn bezet met de typerende witte broodjes in reliëf die ook het Teatre-Museu bekronen en bovenop de toren staat een reeks van de iconische reuzeneieren. Dalí heeft met opzet een esthetische eenheid gecreëerd tussen zijn woonruimte en zijn museum: je ziet niet waar het één ophoudt en het ander begint. Aan de zijkant hangt een plaquette die aangeeft dat de kunstenaar hier heeft gewoond, en een bronzen beeld van een miereneter herinnert aan een van Dalí’s favoriete huisdieren.
De toren zelf is voor bezoekers niet toegankelijk, het zijn privévertrekken, maar je kunt de buitenkant van alle kanten bekijken en er staat een eenvoudige expositieruimte op de begane grond waar een deel van Dalí’s persoonlijke spullen wordt getoond. De combinatie van de rode gevels, de broodjes, de eieren en de wetenschap dat hier een van ’s werelds meest excentrieke kunstenaars de laatste zeven jaar van zijn leven heeft gesleten maakt van dit hoekje van Figueres een soort openluchtmuseum.
Bezoekdetails: De buitenkant is altijd vrij toegankelijk via de pleinen rondom het Teatre-Museu. De kleine expositieruimte op de begane grond is vaak inbegrepen bij het ticket voor het Dalí-museum.
9. Parc Bosc Municipal
Ten noordwesten van het centrum, tussen de stad en de heuvel waarop het Castell de Sant Ferran staat, ligt het Parc Bosc Municipal, het groene longetje van Figueres en een plek die door veel bezoekers over het hoofd wordt gezien. Het park werd in de negentiende eeuw aangelegd als openbaar wandelgebied en heeft zijn romantische negentiende-eeuwse karakter grotendeels behouden: slingerende paden, schaduwrijke pleintjes met banken, een kleine vijver en een paar oude fonteinen.
Het is de plek waar de locals in het weekend met hun kinderen en honden komen, waar joggers rondjes lopen en waar in de zomer kleine concerten worden gehouden in een openluchttheatertje. Er staat een aantal herdenkingsmonumenten, onder andere een gedenkplaat voor Pep Ventura, de negentiende-eeuwse Figuerenc componist die de moderne sardana vorm gaf, en het park biedt een goede plek om even te zitten na een bezoek aan het Castell de Sant Ferran, dat op nauwelijks tien minuten loopafstand ligt.
Vanaf het park loopt een wandelpad naar boven richting het fort, dus je kunt het goed combineren. Tijdens de warme zomermaanden is het park een verfrissende plek om midden op de dag de hitte te ontvluchten; de dichte beplanting zorgt voor volop schaduw. En wie vroeg in de ochtend of in de late middag komt vangt vaak de beste sfeer, verstild, zonnig tussen de bomen, en met uitzicht op de heuvels aan de rand van de stad.
Bezoekdetails: Het park is gratis toegankelijk en altijd open. Toegang vanaf de Carrer Enric Morera of de Carretera de Olot. Ideaal als korte pauze tussen twee museumbezoeken of als opwarmer voor de wandeling naar het fort.
10. Mercat Municipal
De overdekte markt van Figueres, gevestigd in een modern gebouw aan de Plaça del Gra, is het dagelijks levende hart van de stad en een uitstekende plek om een stukje lokaal leven te beleven. Je vindt hier verse producten uit de Empordà: groente en fruit van boeren uit de omliggende dorpen, vis uit Roses en Cadaqués, vlees van varkens die in het achterland scharrelen, kazen, olijven, brood van ambachtelijke bakkers en flessen wijn uit de DO Empordà.
Wat de markt leuk maakt is dat ze functioneert voor de lokale bevolking en niet primair is afgestemd op toeristen. De prijzen zijn eerlijk, de kwaliteit is hoog en de stallen worden door dezelfde families gerund als vijftig jaar geleden. Een ochtendbezoek is een kleine culturele ervaring: je ziet hoe de Catalaanse grootmoeders hun boodschappen doen, hoe de vishandelaar zijn klanten bij naam kent en hoe de markt in de loop van de ochtend leger wordt tot de laatste kraampjes rond het middaguur sluiten.
Voor wie niet kookt is het nog altijd de moeite waard. Bij enkele stallen kun je verse fruit sappen, snacks en kleine gerechten ter plekke bestellen, en buiten de markt liggen enkele van de beste tapasbars van Figueres die hun aanbod rechtstreeks op de producten van de markt afstemmen. Het is een van die plekken waar je niet voor hoeft te betalen om gewoon even binnen te lopen en te kijken hoe de stad functioneert.
Bezoekdetails: De markt is ’s ochtends geopend van maandag tot en met zaterdag, met donderdag en zaterdag als drukste dagen. Kom voor 11:00 uur voor het breedste aanbod. In de omringende straten wordt op donderdagochtend ook een grotere buitenmarkt gehouden.
Reistips voor Figueres
Beste tijd om Figueres te bezoeken
De lente (april-juni) en de vroege herfst (september-oktober) zijn de meest aangename periodes. Temperaturen liggen dan tussen de zeventien en vijfentwintig graden, de musea en het fort zijn prettig te bezoeken en de Empordà is op zijn mooist. Juli en augustus zijn warm en druk, vooral bij het Teatre-Museu Dalí, reserveer dan ruim van tevoren je ticket voor een tijdslot in de ochtend. De winter in Figueres is mild maar kan winderig zijn door de tramontana; een goede tijd voor wie de stad rustig wil beleven zonder rijen voor het Dalí-museum.
Vervoersopties van en naar Figueres
De beste optie vanuit Nederland is vliegen op Girona-Costa Brava (GRO), op zo’n veertig minuten rijden. Van daaruit huur je een auto of neem je de bus richting Figueres. Alternatief vlieg je op Barcelona El Prat (BCN) en neem je de AVE-hogesnelheidstrein vanaf station Barcelona-Sants, die in iets meer dan een uur naar Figueres-Vilafant rijdt. Vanuit Frankrijk is Figueres in twintig minuten bereikbaar vanaf Perpignan via de snelweg. Binnen de stad is vrijwel alles lopend te doen, het Dalí-museum, de Rambla, de Sant Pere-kerk en de markt liggen allemaal binnen tien minuten loopafstand van elkaar. Voor een bezoek aan het Castell de Sant Ferran en omliggende plaatsen is een auto handig.
Taal en Praktische Tips
In Figueres worden Catalaans en Spaans beide dagelijks gesproken; Catalaans is de dominante taal in het straatbeeld en het onderwijs. Een paar woorden Catalaans (bon dia, gràcies) worden altijd gewaardeerd. Restaurants openen laat, lunch vanaf 13:30, diner zelden voor 20:30. Bij het Teatre-Museu Dalí is er beperkte parkeergelegenheid in de directe omgeving; gebruik liever de betaalde parkings aan de rand van het centrum en loop de laatste tien minuten. Contant geld is minder nodig dan vroeger, maar houd kleine biljetten bij de hand voor markten en kleine cafés.
Accommodatie in Figueres
Figueres heeft een bescheiden maar kwalitatief goed aanbod aan hotels en pensions. In het centrum vind je enkele klassieke hotels aan of rond de Rambla die vaak het handigst zijn voor wie per trein aankomt en te voet wil verkennen. Voor wie wat meer comfort zoekt zijn er enkele boutique-hotels en goede B&B’s in de straten rond het Dalí-museum, waardoor je ’s ochtends als eerste de deuren van het Teatre-Museu in kunt lopen zonder in de file te staan. Liefhebbers van rust kiezen vaak voor een landelijk hotel of agriturismo in de omliggende Empordà, dorpjes als Peralada, Vilabertran of Garriguella liggen binnen een kwartier rijden en bieden wijnhuizen, zwembaden en rust.
Restaurants in Figueres
De Empordà is een van de culinair rijkste streken van Catalonië, en dat merk je aan de eetcultuur van Figueres. Lokale specialiteiten zijn botifarra amb mongetes (worst met witte bonen), anchovissen uit L’Escala, lams uit de Empordà, en vrijwel overal verse vis uit Roses en Cadaqués. De DO Empordà-wijnen, bij veel Nederlanders onbekend, zijn de moeite waard om te proberen.
- El Motel (Hotel Empordà): Een instituut in Figueres en een van de belangrijkste restaurants in de moderne geschiedenis van de Catalaanse keuken. El Motel werd in 1961 opgericht door Josep Mercader, een chef die als pionier van de Catalaanse nouvelle cuisine wordt beschouwd en grote invloed had op latere beroemdheden als Ferran Adrià. Het restaurant serveert nog steeds een klassieke keuken van hoog niveau.
- Can Jeroni: Een gezinsrestaurant in het centrum met een ontspannen sfeer en een kaart die draait om de producten van de markt. Goede keuze voor een lunch tussen twee museumbezoeken.
- Dinàmic Restaurant: Een moderne bistro die met Empordà-ingrediënten werkt in een vernieuwende, lichte stijl. Populair bij jongere Catalanen en goed voor een avondmaaltijd zonder verrassingen.
- Sidreria Txot’s: Een Asturische ciderbar in Figueres, als je zin hebt in iets anders dan de Catalaanse keuken. Goede grillgerechten en een levendige sfeer.
- Restaurant Durán: Dit klassieke hotelrestaurant tegenover het Teatre-Museu Dalí is al meer dan honderd jaar in bedrijf en heeft een befaamde band met Salvador Dalí, die hier regelmatig at. De kaart is klassiek-Catalaans, de sfeer verfijnd.
Dagtrips vanuit Figueres
Cadaqués
Cadaqués, op drie kwartier rijden aan de ruige oostkust, is een van de mooiste vissersdorpjes van de hele Costa Brava en onlosmakelijk verbonden met Dalí. De kunstenaar bracht hier zijn zomers door en woonde in het nabijgelegen Portlligat in een door hemzelf uitgebreide vissershut, die nu als het Casa-Museu Salvador Dalí bezoekbaar is. Het witgekalkte dorp met zijn kunstgaleries, kiezelstranden en smalle straatjes is een sfeervolle aanvulling op een bezoek aan Figueres.
Girona
Girona, op veertig minuten rijden, is de provinciehoofdstad en heeft een van de best bewaarde middeleeuwse centra van Spanje. De kathedraal, de joodse wijk El Call en de iconische gekleurde huizen langs de Onyar zijn de hoogtepunten. Game of Thrones-fans herkennen meerdere straten en gebouwen uit de serie. Goed te combineren met Figueres in een weekend.
Roses
Roses ligt op ongeveer een halfuur rijden aan de zee en combineert een van de grootste baaien van de Costa Brava met Griekse en Romeinse archeologische resten. Het strand, de citadel en het nabijgelegen natuurgebied Parc Natural dels Aiguamolls de l’Empordà maken het een mooie afwisseling tussen cultuur en zee.
Besalú en Peratallada
Twee van de mooiste middeleeuwse dorpjes van Catalonië liggen binnen een uur rijden van Figueres. Besalú heeft een iconische romaanse brug over de rivier Fluvià en een goed bewaard middeleeuws centrum. Peratallada, ten zuiden van Figueres, is een compleet middeleeuws dorp met straten die uit de rotsen zijn uitgehouwen. Beide zijn ideale halve-dagtrips.
Conclusie
Figueres is in essentie een doorsnee provinciestadje dat door toedoen van één briljante zoon is getransformeerd tot een internationale cultuurbestemming. Wie alleen voor het Teatre-Museu Dalí komt krijgt waar voor zijn geld, het museum is uniek in zijn soort en alle hype waard. Maar wie er een dag of twee voor uittrekt ontdekt dat de stad veel meer te bieden heeft dan de excentriciteiten van Dalí: het Castell de Sant Ferran met zijn immense gangen, de Rambla met zijn negentiende-eeuwse sfeer, de Sant Pere-kerk met haar stille dubbele betekenis, en een omgeving, de Empordà, die een van de aangenaamste uithoeken van Catalonië is. Neem de tijd, combineer een ochtend in het museum met een middag op het fort en een avond tapas op de Rambla, en Figueres wordt een stad die je verrast op alle manieren die je niet had verwacht.
Highlights Figueres
Figueres aan de Costa Brava is onlosmakelijk verbonden met Salvador Dalí. Het Teatre-Museu Dalí is de grote publiekstrekker, maar de stad biedt ook een van de grootste fortificaties van Europa, een levendig historisch centrum en een uitstekende uitvalsbasis voor de Empordà.
Veelgestelde Vragen
Beeldverantwoording
Beeldmateriaal op deze pagina via Wikimedia Commons en Wikipedia.
- Martine SODAIGUI (CC BY-SA 3.0) —
- JukoFF (CC BY-SA 4.0) —
- Pline (CC BY-SA 4.0) —
- Kritzolina (CC BY-SA 4.0) —
- PaliGol (CC BY-SA 3.0) —
