Vakantiebestemmingen aan de Costa del Sol
De Costa del Sol beslaat de zuidkust van de provincie Málaga, van het pittoreske Nerja in het oosten tot Manilva bij Gibraltar in het westen. Meer dan 320 zondagen per jaar, milde winters, een internationale luchthaven die alles binnen een uur ontsluit: hier begon in de jaren ‘60 het Spaanse massatoerisme, en je ziet het nog. De kustweg is plaatselijk een onafgebroken lint van appartementenflats en urbanizaciones. Toch is het verhaal van deze kust niet af met die kritiek. Achter de eerste bergrug ligt een Andalusië dat veel minder is veranderd dan de promenades doen vermoeden.
Karakter en landschap
In het westen, rond Marbella en Torremolinos, is de kustlijn vlak en zanderig. Richting Nerja wordt het rotsiger en, eerlijk gezegd, mooier. Het achterland begint vrijwel direct achter de N-340: de Sierra de Mijas, Sierra Blanca en Sierra de Tejeda lopen op tot boven de 1.500 meter. Die bergrug houdt de noordenwind tegen en zorgt voor het microklimaat waar de regio op draait.
De contrasten zijn fors. Puerto Banús bij Marbella werd in 1970 geopend door prins Alfonso zu Hohenlohe en is sindsdien de etalage van rijk Spanje: superjachten, designerwinkels, Ferrari’s die stationair staan te ronken op de boulevard. Of je het smaakvol vindt of niet, het is een eigen wereld. Nog geen dertig kilometer landinwaarts liggen Mijas Pueblo en Frigiliana, witgekalkte dorpen met steile steegjes en bougainville over de muren. Dat ze inmiddels zelf flink toeristisch zijn, doet weinig af aan het feit dat ze er nog staan zoals ze er stonden.
Het beste van de kust zelf zit voor mij in de chiringuitos, de strandtenten waar ze vis op een houtskoolvuur grillen. Espetos de sardinas, sardientjes aan een stok schuin in het zand naast de vlammen, zijn de moeite van de drukte waard. Een paar van de oudere chiringuitos rond El Palo in Málaga doen dit al sinds de jaren ‘60, lang voordat de eerste Brit een tweede huis kocht in Fuengirola.
Klimaat en beste reistijd
Het klimaat is subtropisch-mediterraan. Zomers zijn heet en droog, in juli en augustus regelmatig boven de 35°C, zeker als er warme lucht uit Afrika overwaait (terral). Het zeewater zit dan rond 23 à 24°C. De winters zijn opvallend zacht: gemiddeld 17°C overdag in januari, sneeuw aan de kust is nieuws.
Wanneer je het beste kunt gaan, hangt af van wat je zoekt. Voor het strand zijn juni en september aangenamer dan de piek: warm genoeg om te zwemmen, zonder de hitte en de uitpuilende parkeerplaatsen van augustus. Maart tot mei is de mooiste tijd om het achterland in te lopen, als de heuvels nog groen zijn van de winterregens. In de winter zit de kust vol golfers en overwinteraars, vooral Noord-Europeanen die hier maandenlang een appartement huren. Reken in januari niet op een uitgestorven Marbella; reken er wel op dat veel restaurants in Mijas of Frigiliana hun rustigste maanden hebben.
Bezienswaardigheden en activiteiten
De Caminito del Rey is de bekendste wandeling van de provincie en met reden. Het looppad is vastgeklonken aan de wand van de Gaitanes-kloof, op sommige punten honderd meter boven de rivier. Tot 2015 was het pad half ingestort en alleen toegankelijk voor mensen met een opvallend gebrek aan zelfbehoud. Sinds de renovatie loopt iedereen er overheen, dus reserveren is verplicht en weken van tevoren vaak nodig.
Golf is de tweede economie van de westkust. Vijftig banen in de driehoek Marbella-Estepona-Benahavís, ontworpen door onder anderen Robert Trent Jones en Dave Thomas, met zicht op de Middellandse Zee en aan een heldere dag de bergen van Marokko. Of je nu speelt of niet, de invloed op het landschap is overal te zien: hele heuvels groen gehouden door sproeiers, in een streek die officieel kampt met waterstress. Dat ongemak hoort er ook bij.
Het binnenland is waar de Costa del Sol zichzelf weer terugvindt. Ronda ligt op een klif boven een 120 meter diepe kloof en heeft een 18e-eeuwse brug die nog altijd alle ansichtkaarten haalt. Kleinere pueblos blancos als Casares en Júzcar (helemaal blauw geschilderd sinds Sony er in 2011 een Smurfen-film promootte, en de inwoners besloten dat het zo kon blijven) zijn een dag rijden waard. Flamenco is hier ook geen folklore voor toeristen: in de peñas van Málaga en omliggende dorpen wordt op willekeurige doordeweekse avonden gespeeld voor wie binnen toevallig naast de juiste tafel zit.
De Costa del Sol is de meest bezochte kust van Spanje en dat merk je. De bouwwoede van de jaren ‘70 en ‘80 is voor een deel niet meer terug te draaien, en wie alleen langs de kustweg rijdt, ziet daar een soort eindeloos winkelcentrum van. Maar wie tien minuten landinwaarts rijdt, vindt nog steeds een Andalusië dat klopt. Dat dubbele karakter is precies wat deze kust is, of je dat nou een aanrader vindt of niet.
Onze stadsgidsen aan deze kust
Voor de volgende steden aan de Costa del Sol hebben we uitgebreide reisgidsen geschreven.
Mijas
Mijas Pueblo ligt op 428 meter boven de Costa del Sol, met uitzicht over de Middellandse Zee en, op heldere dagen, tot aan Gibraltar en Noord-Afrika. Witte gevels, smalle straten en een rechthoekige stierenarena uit 1900.
Estepona
Estepona heeft een witgekalkt oud centrum, een street-art route met meer dan vijftig muurschilderingen sinds 2012, een tropisch orchideeënhuis en bijna drie kilometer strandpromenade. Rustig, bloemrijk en uitstekend bereikbaar.
Fuengirola
Fuengirola ligt aan de Costa del Sol en heeft 8 km strand, het 10e-eeuwse Castillo Sohail en een lange boulevard. De stad trekt al decennia een vaste internationale gemeenschap van Britten, Nederlanders en Scandinaviërs.
Nerja
Nerja ligt aan de Costa del Sol en heeft ongeveer 16 kilometer kust, een uitkijkpunt (Balcón de Europa) op de plek van een 19e-eeuwse batterij, en de Cuevas de Nerja met paleolithische rotskunst die mogelijk tot de oudste van Europa behoort.
Ronda
Ronda staat op een rotsplateau dat door de 100 meter diepe El Tajo-kloof in tweeën wordt gesplitst, overspannen door de Puente Nuevo. Het Plaza de Toros uit 1785 is de oudste nog werkende stierenarena van Spanje.
Marbella
Marbella ligt aan de Costa del Sol en heeft twee gezichten: het witgekalkte oude centrum met sinaasappelpleintjes en de jachthaven Puerto Banús. Daartussen liggen brede stranden en een lange boulevard.
Malaga
Málaga, aan de Costa del Sol, combineert stadsstrand, het Moorse Alcazaba-fort en de geboorteplek van Picasso. Meer dan dertig musea en een centrum waar je alles lopend doet.